lingua franca 2017


Om de samenspraak van europeanen te helpen verbeteren probeer ik hier een latijnse kunsttaal te ontwikkelen waarvan men de regels binnen een uur kan leren. Zie Latino sine flexione op Wikipedia voor meer context.

Als u zelf zinnen in LF2017 wilt vormen kunt u o.a. gebruik maken van de database Words van William Whitaker. Voor internationaal nieuws in hedendaags latijn kunt u terecht bij de Finse radio: Nuntii latini.

De positionering is hier belangrijker dan de woordvorm, maar er blijft toch enige vrijheid in de volgorde. Het is ook niet wenselijk om een zeer precieze taal te maken, ambiguïteit kan immers tot nieuwe inzichten leiden.

De uitspraak mag u zelf bepalen - dichters kunnen met accenten en onderstreping aangeven waar de klemtoon moet komen en welke lettergrepen relatief lang aangehouden moeten worden.

J. Boerlage
25 februari 2017


1. zelfstandige naamwoorden

Het latijn kent vijf verbuiginsgroepen, elk met aparte uitgangen (naamvallen) die aangeven wat de betekenis van een woord is, bijvoorbeeld onderwerp (1e naamval) of lijdend voorwerp (4e naamval): Romam, naar Rome.

LF2017 benut extra woorden om dat duidelijk te maken en heeft daarom genoeg aan de uitgang die voor het onderwerp gebruikt wordt: femina, medicus, consul, cornu, dies e.d. Voor het meervoud voegen we een apostrofe toe, uitgesproken als een korte, toonloze klinker naar wens: femina', medicus', consul', cornu', dies' - behalve bij woorden die alleen in het meervoud bestaan, zoals pecunia.

  1. femina
  2. femina
  3. femina
  4. femina
  5. femina
  1. femina'
  2. femina'
  3. femina'
  4. femina'
  5. femina'
medicus
medicus
medicus
medicus
medicus

medicus'
medicus'
medicus'
medicus'
medicus'
consul
consul
consul
consul
consul

consul'
consul'
consul'
consul'
consul'


2. werkwoorden

We zullen verbuigingen van het hulpwerkwoord esse (zijn) verbinden met de onbepaalde wijs van het beoogde werkwoord.

Daarbij schrijven we de bedrijvende vorm met een -e (bijvoorbeeld laudare, prijzen) en de lijdende vorm met een -i (laudari, geprezen worden). Eigenlijk zeggen we "ik ben prijzend" en "ik ben geprezen wordend".

Bij de aanpassing van werkwoorden gelden verder geen regels, maar de betekenis moet natuurlijk wel duidelijk zijn voor de normale lezer of toehoorder.

De onvoltooid tegenwoordige tijd: ik prijs - ik word geprezen.

praesens
  • sum laudare
  • es laudare
  • est laudare
  • sumus laudare
  • estis laudare
  • sunt laudare
  • sum laudari
  • es laudari
  • est laudari
  • sumus laudari
  • estis laudari
  • sunt laudari

Sum expectare socius', ik verwacht de/mijn bondgenoten.
Servus est iuvare mercator, de slaaf helpt de koopman.
Oculus' sunt habere sed non (sunt) videre, ze hebben ogen maar zien niet.
Captari estis, jullie zijn gevangen.
Sumus vocari, we worden geroepen.
Magister exhibere est honestum, de leraar betoont deugdzaamheid.
Puer temptari est de medicus, de jongen wordt onderzocht door de dokter.
Unio de Europa pax et libertas consulere (est), de Europese Gemeenschap bevordert vrede en vrijheid.

Soms blijkt uit de woorden zelf wat het onderwerp van de zin is: in "canis laudare puella est" is dat waarschijnlijk het meisje en niet de hond. Maar in andere gevallen is het minder duidelijk, bijvoorbeeld in "servus iuvare mercator est". Dan kan de volgorde uitsluitsel bieden, doordat men het onderwerp ergens vóór het lijdend voorwerp plaatst.

We kunnen est soms weglaten: "servus iuvare mercator" betekent hetzelfde als "servus est iuvare mercator", "consul laudare puella est" kan ook geschreven worden als "consul laudare puella". En "consul laudari de puella est" is gelijk aan "consul laudari de puella".

Srikt genomen kan men zeggen "canis laudare puella", al ligt "puella laudare canis (est)" meer in het verwachtingspatroon van LF2017. Zo is er ruimte voor artistieke variatie.

De onvoltooid verleden tijd: ik prees - ik werd geprezen.

imperfectum
  • eram laudare
  • eras laudare
  • erat laudare
  • eramus laudare
  • eratus laudare
  • erant laudare
  • eram laudari
  • eras laudari
  • erat laudari
  • eramus laudari
  • eratus laudari
  • erant laudari

Eratis non cavere, jullie waren niet voorzichtig.
Puella erat pulcher, het meisje was mooi.
Vulnus' sanare erant mox, de wonden genazen snel.
Eramus audire clamor, we hoorden geschreeuw.
Eramus audiri de consul, we werden gehoord door de consul.
Sus' mactari erant, zwijnen werden geofferd.
Gallia expugnari erat, Gallië werd veroverd.
Approbatio de ratio suus desiderare erant, zij wensten goedkeuring voor hun gedrag.

De toekomende tijd: ik zal prijzen - ik zal geprezen worden.

futurum
  • ero laudare
  • eris laudare
  • erit laudare
  • erimus laudare
  • eritis laudare
  • erunt laudare
  • ero laudari
  • eris laudari
  • erit laudari
  • erimus laudari
  • eritis laudari
  • erunt laudari

Erimus magister contradicere, wij zullen de leraar tegenspreken.
Donum eris capere, je zult een geschenk ontvangen.
Arbor' erunt florere, de bomen zullen bloeien.
Villa ornari erit, het landhuis zal versierd worden.
Ero invitari, coniectare sum, ik zal uitgenodigd worden, vermoed ik.
Eritis acclamari, jullie zullen toegejuicht worden.

De voltooid tegenwoordige tijd: ik heb geprezen - ik ben geprezen geworden.

perfectum
  • fui laudare
  • fuisti laudare
  • fuit laudare
  • fuimus laudare
  • fuistis laudare
  • fuerunt laudare
  • fui laudari
  • fuisti laudari
  • fuit laudari
  • fuimus laudari
  • fuistis laudari
  • fuerunt laudari

Castra' movere fuerunt, ze hebben de kampen opgebroken.
Vivere fuit, sed non sincerus, ze heeft geleefd, maar niet ernstig.
Fuimus convenire ut disceptare, we zijn bijeengekomen om te debatteren.
Impediri fuistis dormire, zijn jullie belet om te slapen?
Rogari fui fabula confirmare, ik ben gevraagd een verhaal te bevestigen.
Laetitia praebere fuisti, je hebt blijdschap verschaft.

De voltooid verleden tijd: ik had geprezen - ik was geprezen.

plusquamperfectum
  • fueram laudare
  • fueras laudare
  • fuerat laudare
  • fueramus laudare
  • fueratis laudare
  • fuerant laudare
  • fueram laudari
  • fueras laudari
  • fuerat laudari
  • fueramus laudari
  • fueratis laudari
  • fuerant laudari

Fueram tu iniungere, had ik u iets misdaan?
Monumentum' fuerant visitare, ze hadden de gedenktekens bezocht.
Sympathia simulare fueratis, jullie hadden sympathie voorgewend.
Quare fuerat adseo laborare, waarom had ze zich zo ingespannen?
Omnis suggestio fuerat notari, elke suggestie was opgetekend.
Alacer fueramus mitteri, begeesterd waren wij vertrokken.
Fueras tristis, vesper de heri, was je bedroefd, gisteravond?

De voltooid toekomende tijd: ik zal geprezen hebben - ik zal geprezen zijn.

futurum exactum
  • fuero laudare
  • fueris laudare
  • fuerit laudare
  • fuerimus laudare
  • fueritis laudare
  • fuerint laudare
  • fuero laudari
  • fueris laudari
  • fuerit laudari
  • fuerimus laudari
  • fueritis laudari
  • fuerint laudari

De kern van LF2017 bestaat dus uit de diverse vormen van esse:

  • sum
  • es
  • est
  • sumus
  • estis
  • sunt
  • eram
  • eras
  • erat
  • eramus
  • eratus
  • erant
  • ero
  • eris
  • erit
  • erimus
  • eritis
  • erunt
  • fui
  • fuisti
  • fuit
  • fuimus
  • fuistis
  • fuerunt
  • fueram
  • fueras
  • fuerat
  • fueramus
  • fueratis
  • fuerant
  • fuero
  • fueris
  • fuerit
  • fuerimus
  • fueritis
  • fuerint

De gebiedende wijs maken we met debere (moeten).

Als tegenwoordige en voltooide deelwoorden gebruiken we de onbepaalde wijs - achter het onderwerp, zonder hulpwerkwoord esse in de woordgroep. Als het niet duidelijk is wat het onderwerp is gaan we er van uit dat het vooraan in de zin staat:
Posse (kunnen) is weliswaar al een samenstelling met esse, maar we zullen toch vasthouden aan het voorgaande. 3. overige woorden

Bijvoeglijke naamwoorden.
Mooi, bergachtig, onbetaald e.d. - in het Nederlands worden de bijvoeglijke naamwoorden verbogen: de dappere man, een klein kind. In het Latijn is dat nog meer het geval.

Om te voorkomen dat we bij de verbuigingsgroep van het zelfstandige naamwoord een passende uitgang voor het bijvoeglijke naamwoord moeten opzoeken, staan we alle gebruikelijke uitgangen toe.

Bezittelijke voornaamwoorden worden eveneens naar wens verbogen, tenzij er sprake is van een duidelijk mannelijke of vrouwelijke persoon.
  • meus mea meum
  • tuus tua tuum
  • suus sua suum
  • noster nostra nostrum
  • vester vestra vestrum
  • suus sua suum
Est laudare mater sua, zij prijst haar (eigen) moeder.

Persoonlijke voornaamwoorden worden niet verbogen:
Voor 'men' schrijven we 'on' - On est fortunatus, men is fortuinlijk.
  • ego
  • tu
  • ei/ea/id
  • nos
  • vos
  • eunt
Betrekkelijk voornaamwoord: alleen qui. Mater qui est laudare.

Vragend voornaamwoord: alleen quis. Quis est dicere? Wie zegt dat?
Quis est custodire custos'? Wie bewaakt de bewakers?

Vraagwoorden: cur, quare, unde, ubi.
Cur non dicere (eras) quis cogitare eras? Waarom zei je niet wat je dacht?

Aanwijzende voornaamwoorden: voor dit of deze hier is geen aanwijzing nodig, voor dat of die daar gebruiken we illa en in het meervoud illa'.
Illa liber, dat boek. Illa' rosa' florere sunt, die rozen bloeien.

Verwijzende voornaamwoorden: illa, illa', idem, ipsum.

Voorzetsels:
Misschien herinnert u zich de rijtjes aus bei mit nach seit von zu, durch für ohne um entlang bis gegen.

in ad ante apud circum circa contra inter per post praeter propter trans in a, ab cum de e, ex pro sine sub

Voegwoorden, zijn onveranderlijk.
alsmede als dan dat en hoewel maar of

Bijwoorden, kwalificeren veelal andere dan zelfstandig gebruikte woorden.
Bijvoorbeeld: dan - tunc, tum, ergo;   gisteren - heri, hesterno;   toen - cum, ut, ubi, tunc, tum, dehinc;   ergens - uspiam, alicubi, alicunde, sicubi, necubi;   overal - ubique;   waarheen - quo? quorsum?   bovendien - praeterna, super, etiam, ultro;   echter - at, tamen, vero, autem, verum;   mogelijkerwijs - potest ut;   slechts - modo, tantum;  

telwoorden
Er zijn in het Latijn een paar telwoorden die verbogen worden, maar daar hoeven we ons niet aan te houden.
unus, una, unum
duo, duae, duo
tres, tres, tria

De overige hoofdtelwoorden en de rangtelwoorden worden niet verbogen.
primus, secundus, tertius enz.

Ook voor de distributiva (singuli, bini, terni/trini) en de adverbialia (semel, bis, ter) heeft u genoeg aan het woordenboek.

Est consul. Hij is consul.
Athleta' deciperi fuerunt. De atleten zijn bedrogen.
Mater est laudare puella'. De moeder prijst de meisjes.
Sum laudari de medicus. Ik word geprezen door de dokter.
Dolor erat habere in venter. Hij had pijn in de buik.
Pyongyang est urbs princeps de Corea Septensionarius, Pyongyang is de hoofdstad van Noord Korea.
Eritis audiri a iudex. Jullie zullen gehoord worden door de rechter.
Puella felix erat ridere. Het gelukkige meisje lachte.
Quare es ridere raro? Waarom lach je zelden?
Navigare necesse est. Varen (handel drijven) is noodzakelijk.

5. trappen van vergelijking

Met plus en maxime.

  • longus
  • felix
  • pulcher
  • bonus
  • magnus
  • multi
  • plus longus quam
  • plus felix quam
  • plus pulcher quam
  • plus bonus quam
  • plus magnus quam
  • plus multi quam
  • maxime longus
  • maxime felix
  • maxime pulcher
  • maxime bonus
  • maxime magnus
  • maxime multi

Sum plus eloquens quam senator, ik ben welsprekender dan de senator.

6. aanvoegende wijs

Het ga u goed e.d. - werd in het Latijn veel gebruikt, met vele verbuigingen. Wij kunnen volstaan met Ut aan het begin van de zin.

Ut primus minister bonum facere, non expectare (est) miraculum, moge de premier het goede doen en niet wachten op een wonder.
Ut consulere sumus liber', laten we de boeken raadplegen.

7. willen

Velle, nolle en malle worden onverbogen toegevoegd.

Velle es amari, aptare debet es, wil je geliefd zijn, pas je dan aan.
Nolle sumus vivere sine elatio, we willen niet zonder verhevenheid leven.
Malle fidere erat de ratio, hij wilde liever op de rede vertrouwen.

8. oefeningen

Omnis qui sunt in Hollandia in casus' similis tractari similis (sunt).
Allen die zich in Nederland bevinden, worden in gelijke gevallen gelijk behandeld. (art.1 Grondwet)

Qui sciens iniustus privare est aliquem de libertas ( ... ) puniri est de custodia summum octo annus' aut mulcta de categoria quinque.
Wie opzettelijk iemand wederrechtelijk van de vrijheid berooft ( ... ) wordt gestraft met gevangenisstraf van ten hoogste acht jaren of geldboete van de vijfde categorie. (art. 282.1 WvS)

Cum prodecessor convenire eram, herba vigere per reliquiae suus ardua satis erat ut occedere suus os'.
Toen ik mijn voorganger ontmoette was het gras dat door zijn geraamte groeide hoog genoeg om zijn beenderen te bedekken. (Conrad)

Qui est possibilis ut societas consors simplex fuit transire in societas vestigare veritas?
Hoe is het mogelijk dat een eenvoudige participatie-samenleving is veranderd in een waarheid zoekende samenleving?

Sumus explorator' desiderare aevitas, sine finis' de nomen et figura.
We zijn onderzoekers verlangend naar een eeuwigheid, zonder de beperkingen van naam en vorm.

Praestigiator' autem, amor de veritas non recte aestimare, parvus admiratio emerere sunt.
Goochelaars echter, de waarheidsliefde miskennend, verdienen weinig respect.